Frederick, het muisje dat niet wilde werken

Share

Gisteren ben ik als Schoolschrijver begonnen met mijn lessen in de groepen 3 op de OBS De vier windstreken in Amsterdam Noord. Eerst werd ik fantastisch verwelkomd door de klassen en presentatrice Gian van Grunsven. De kinderen hadden mijn leeskoffertjes cadeau gekregen en daaruit gelezen. Ze hadden zelf verhaaltjes en briefjes geschreven. Erg mooi vond ik het briefje van Mohammed. Ik mocht het niet hebben, maar er even wel een foto van maken!

In de klassen heb ik het prentenboek Frederick van Leo Lionni voorgelezen. Het is een mooi verhaal over muisjes die hard werken om een voorraad graan voor de winter aan te leggen. Alleen het muisje Frederick werkt niet mee: hij verzamelt zonnestralen, kleuren en woorden. Ik vertelde de kinderen: ‘Ik lig ook wel eens in de zon, bijvoorbeeld op het strand. Met mijn ogen dicht. En als mijn kinderen dan tegen me praten zeg ik: Sttt, ik ben aan het werk. Wat voor werk doe ik dan?’ De kinderen moesten lachen, maar ze wisten het wel: ‘Dan bedenkt u een gedicht of een verhaal.’ Woorden bedenken is ook werken en dat gaan we komende weken doen.

Frederick was één van de eerste prentenboek die ik zelf kreeg. Ik kreeg het in het Engels, maar mijn moeder las het in het Nederlands voor en na een tijdje kon ik zelf de tekst bij de verhalen bedenken. In het boek staan een paar moeilijke woorden, zoals grauw en babbelen. Sommige kinderen dachten dat babbelen bibberen betekende. Babbelen, bubbelen, bibberen… die woorden klinken leuk. Daar gaan we vast nog een keer iets mee doen. Tijdens het voorlezen sloten de kinderen net als de muisjes hun ogen om te oefenen de korenbloemen, klaprozen en het graan voor zich te zien. Want als schrijver is het handig als je kunt visualiseren.

Ik heb de woorden van het boek voorgelezen zoals ze er staan, maar hoe je het voorleest kan toch heel verschillend zijn. Bijvoorbeeld het zinnetje ‘Wat doe jij eigenlijk, Frederick?’ Je kunt het boos, verdrietig, verbaasd, bang of geheimzinnig fluisterend uitspreken. Dat hebben we geoefend. Er zitten echte stemacteurs in de klas!

Daarna hebben we geoefend om zelf tekst bij de tekeningen te bedenken. De kinderen mochten op een blaadje tekstballonnen invullen. Dit blaadje ging in de Schoolschrijver-map. Op het digibord heb ik via de iPad app Comic Maker een voorbeeldje gegeven. Ik was erg trots op Salma, die hele mooie teksten bedacht (zie foto)! De kinderen wilden de naam Frederick goed overschrijven. Gelukkig hing op het whiteboard een foto van de voorkant van het prentenboek: De week werken we met Frederick. Zo kunnen de kinderen er deze week nog aan denken en verder werken aan hun strip.

 

Daarna hebben we op het digibord een filmpje gemaakt met de app Puppet Pals. Niet alleen Frederick kwam in de klas, maar ook Dolfje Weerwolfje en Dikkie Dik. Ze sprongen rond en hadden veel praatjes. Frederick was een beetje bang van deze andere kinderboekfiguren, maar hij vond het erg leuk dat we zijn boek gelezen hadden. De kinderen spraken zelf de stemmen in. We hebben erg gelachen en geoefend om even heel snel een verhaaltje te bedenken. Dat is nog best lastig, maar als we dit vaak doen, weet ik zeker dat het steeds makkelijker wordt.

Daarna mochten de kinderen zelf een mini-boekje vouwen van Frederick. Hiervoor had ik een aantal tekeningen op een A4 gezet. Deze mini-boekjes mogen mee naar huis, zodat ze thuis aan vader en moeder kunnen vertellen over Frederick. Zo maak je een miniboekje:

Ten slotte heb ik de kinderen deze opdracht gegeven. Ga komende week naar de bibliotheek en zoek een boek over een muis. Maak een foto van dat boek en mail mij de foto. Dit is een wedstrijd en er valt een boek mee te winnen. Ik ben benieuwd of ik foto’s ga krijgen.

In de gang van de school hangt een brievenbus voor een andere wedstrijd voor de groepen 4 t/m 8. Hierin mogen de oplossingen voor het raadselgedicht. Er zijn al oplossingen binnen gekomen!

 

1 Reactie

Geef een reactie